Blijf communiceren als het reguliere netwerk uitvalt
De veiligheidsregio's en gemeentes bereiden zich nadrukkelijk voor op langdurige verstoringen in de communicatieve infrastructuur. Noodsteunpunten in de wijken spelen daarin een belangrijke rol. Maar een noodsteunpunt is pas echt onderdeel van de gemeentelijke crisisorganisatie als het ook informatie kan ontvangen én teruggeven.
Juist die verbinding tussen de gemeentelijke crisisorganisatie en de wijk moet vooraf geregeld en geoefend zijn. Zo hoef je tijdens een crisis niet te improviseren.
Dit kan met Allo.
Allo vervangt de portofoon niet
Allo is geen alternatief voor de portofoon, Starlink of andere communicatiemiddelen die je al gebruikt. Het voorziet in een andere behoefte: waar de portofoon bedoeld is voor directe operationele communicatie, zorgt Allo voor de verbinding tussen gemeentelijke coördinatiepunten, noodsteunpunten en aangesloten kritische organisaties.
Zo voeg je een onafhankelijke communicatielaag toe voor situaties waarin reguliere netwerken niet meer beschikbaar zijn, zonder te vervangen wat al werkt. Als gemeente houd je hierbij de regie. Je bent namelijk eigenaar van alle hardware. Allo levert alleen technologie en ondersteuning.
Mobiele telefonie & internet
Dagelijkse communicatie en reguliere crisiscommunicatie
Portofoon
Directe operationele communicatie
Communicatie tussen gemeente, noodsteunpunten en kritische locaties als reguliere netwerken wegvallen
Allo
Van de gemeentelijke crisisorganisatie naar de wijk
De veiligheidsregio blijft verantwoordelijk voor de regionale crisisstructuur en de communicatie die daar onderdeel van is. Allo is dan ook bedoeld voor de communicatie binnen de gemeentelijke laag. Van gemeentelijk coördinatiepunt naar noodsteunpunten alsook naar kritische organisaties en locaties. En andersom. Hoe Allo aansluit op de bestaande regionale structuur en communicatiemiddelen stemmen we vooraf af met de gemeente en waar nodig met de veiligheidsregio.
-
Een grootschalige storing zorgt ervoor dat mobiele communicatie en internet in delen van de gemeente niet meer beschikbaar zijn.
-
De eerste noodsteunpunten gaan open. Vanuit verschillende wijken komen meldingen binnen.
-
Het gemeentelijke coördinatiepunt ontvangt via Allo statusmeldingen en signalen uit de wijken.
-
De gemeente deelt actuele informatie met de noodsteunpunten en houdt zo de communicatie op gang.
-
Een noodsteunpunt meldt een urgente situatie. De melding wordt doorgezet naar de vooraf aangewezen organisatie.
-
De reguliere netwerken liggen nog steeds plat, maar jouw gemeentelijke communicatie niet.
Weerbaarheid begint
vóórdat het misgaat
Op het moment dat communicatie wegvalt, wil je paraat zijn. Zo wordt communicatie tijdens een crisis geen improvisatie, maar onderdeel van de voorbereiding. Met een structuur die al staat en geoefend is. Om dit te bereiken, doorlopen we samen vijf stappen.
Stap 1
Analyse & omgevingsmeting We brengen belangrijke locaties en het benodigde radionetwerk in kaart. Een fysieke meting bevestigt het bereik en levert een concreet netwerkplan en kosteninschatting op.
Stap 2
Praktijktest met
het kernteam We testen Allo op kleine schaal met een kernteam. Zo ervaart de gemeente direct hoe het werkt en of het past bij de eigen crisiscommunicatie.
Stap 3
Pilotdag met groep vrijwilligersWe oefenen realistische scenario’s met vrijwilligers en coördinatoren. De ervaringen uit de pilot helpen de gemeente om een onderbouwde keuze te maken.
Stap 4
Communicatie- structuur inrichtenBij de start plaatsen we de repeaters en richten we het netwerk in. De gemeente bepaalt wie met wie communiceert, welke groepen er zijn en welke statusmeldingen worden uitgewisseld.
Stap 5
Periodiek oefenen met betrokkenenWe testen regelmatig of Allo op alle locaties nog werkt en of iedereen weet hoe het netwerk gebruikt wordt. Zo blijft de gemeente voorbereid.
Veelgestelde vragen
van gemeentes over Allo
-
Dat is precies wat je vooraf wilt weten. Daarom ontwerpen we het netwerk op basis van de omgeving en testen we de dekking vooraf. Berichten krijgen een ontvangstbevestiging. Wanneer een repeater uitvalt, kan een bericht via een vooraf bepaalde alternatieve route alsnog worden verstuurd en ontvangen. Daarnaast testen we via pilots bovendien hoe het netwerk zich in de praktijk gedraagt. Zo ontdek je niet pas tijdens een crisis wat wel en niet werkt.
-
Nee, maar het vraag wel om een duidelijke inrichting en periodiek oefenen. Samen met een klein gemeentelijk kernteam bepalen we dan ook:
- welke locaties onderdeel worden van het netwerk
- welke mensen en organisaties toegang krijgen
- hoe de communicatie wordt ingericht
- hoe het netwerk wordt getest
- hoe vaak jullie willen oefenen -
Nee. Allo is een extra communicatielaag voor de communicatie tussen de gemeentelijke crisisorganisatie, noodsteunpunten en aangesloten kritische organisaties. De portofoon blijft bedoeld voor de operationele communicatie waarvoor je deze nu ook al gebruikt.
-
Allo is niet bedoeld om de regionale crisiscommunicatie te vervangen. Het richt zich primair op de gemeentelijke laag. Hoe het netwerk aansluit op de bestaande middelen en werkwijze van de veiligheidsregio, stemmen we vooraf samen af.
-
Ja. Juist voor deze situaties is Allo bedacht: jouw eigen radio-netwerk dat beschikbaar is als elk ander regulier communicatienetwerk weggevallen is. Zo blijf je contact houden met de mensen in de wijken.
-
Dat hangt af van de omvang van jouw gemeente en natuurlijk de gewenste inrichting van het crisiscommunicatienetwerk. Daarom beginnen we altijd met een Analyse en omgevingsmeting. Op basis van de uitkomsten hiervan, kunnen we in kaart brengen wat de kosten van de hardware zijn (repeaters en Allo-apparaten) alsook de kostenindicatie van het technisch beheer, pilot, periodieke oefeningen et cetera.